De beste start van uw fietsvakantie

Fietsen in Italie

Italië is het land van de geschiedenis. Al fietsend in Italië vind je daarvan nog veel terug. Grafheuvels van de Etrusken (Chiuso), complete steden uit de oudheid,  en ruïnes van de Romeinen (Pompeï, Rome) en vele overblijfselen uit de Renaissance-tijd.

gebieden verkeer klimaat overnachten routes tips

gebieden

Op de website van de Fietsvakantiewinkel vindt u alle fietskaarten en fietsgidsen om in en naar Italië te kunnen fietsen.

Italië is een bergachtig land. In het Noordwesten ligt het Italiaanse gedeelte van de Alpen. Meer naar het oosten de Dolomieten. De Apenijnen strekken zich uit van Genua in het Noorden tot bijna het uiterste Zuiden van het schiereiland.

Fietsen in de Italiaanse Alpen is misschien nog wel wat zwaarder dan in de Zwitserse of Franse. De hellingen zijn in Italië weliswaar korter, maar daardoor ook wat steiler dan in de andere alpenlanden.

Op de grens van de Alpen en de Povlakte liggen bekende meren als het comomeer en het Gardameer. Hoewel erg mooi, zijn de oevers van deze meren door het vele (hardrijdende) verkeer minder geschikt voor een fijne fietstocht. Alternatief voor de drukke kustwegen is vaak een veerpont over de meren.

De Povlakte is vooral vlak. Je kunt er eindeloos (recht)door fietsen over kleine weggetjes. Nadeel is dat er geen beschutting is tegen wind, regen of zon.

Het Appenijnengebergte is een volwaardig gebergte met toppen tot 3000 meter. Als je bedenkt dat de zee in Italië nooit ver weg is kun je je een voorstelling maken van hoe imposant de Appenijnen zijn. De echte klimgeiten gaan naar Abruzzo, de streek ten oosten van Rome, waar mooie tochten gemaakt kunnen worden met vele honderden hoogtemeters per dag.

De bij fietsers bekendste streken van Italië zijn Toscane en Umbrië. Heuvelachtige gebieden, met soms supersteile klimmetjes van enkele honderden meters. Doordat de wegen soms erg recht zijn aangelegd, moet je veel dalen en stijgen, wat misschien wel vermoeiender is dan een flinke aplenpas. De schoonheid die je ervoor terugkrijgt compenseert veel. Toscane bestaat kortweg uit wijngaarden, cipressen, pijnbomen en bossen. Steden als Florence en Siena zijn het culturele hart van Italië, en verdienen een bezoek. Umbrië is vooral bergachtig. Het is dan ook niet voor niets dat vele (Nederlandse) reisorganisaties Toscane en Umbrië vele malen in hun assortiment hebben zitten.

Fietsen langs de kust is mogelijk, maar niet altijd leuk. Privé-stranden en erg veel campings verpesten het uitzicht een beetje. De kuststeden aan de oostkant van Italië hebben vaak mooie stadscentra.

Sicilië biedt veel oudheidkundige resten. Het Noorden is rotsachtig, in het zuiden vind je mooie zandstranden, die nog niet heel erg druk zijn. Het binnenland is ruig en vergelijkbaar met de Spaanse Meseta: droog, arm en niet toeristisch uitgebuit. Nadeel is dat er ook niet zo veel  overnachtingsmogelijkheden zijn. De Etna is met 3340 meter de hoogste berg op Sicilië. De kuststreken hebben een subtropische begroeiing, en de kustdorpen zien er welvarend uit. In de grote steden kun je je fiets het beste niet uit het oog verliezen, daarbuiten gebeurt er nog niets met je fiets als je hem een dag laat staan.

Sardinië is nog minder op fietstoeristen voorbereid. Campings vind je alleen aan de kust. De dorpen liggen ver uit elkaar, dus zorg voor voldoende water en etenswaar. Het oosten is het mooiste gebied om te fietsen, maar het is wel klimmen geblazen zoals in het Gennargentu-gebergte.Van Olbia naar Cágliari loopt een kustweg die spectaculair te noemen is.

verkeer

Italië heeft relatief minder wegen dan andere West-Europese landen, met als gevolg een hogere bezettingsgraad. Vooral in toeristengebieden als het Comomeer, de kuststreek en bij steden (Florence, Rome) is het op de fiets soms levensgevaarlijk, zeker als (Nederlandse) caravangangers de Italiaanse automobilist gaan nadoen en nog snel even inhalen voor de bocht. In de bergen, Toscane, Umbrië en buiten de toeristische gebieden is het heerlijk fietsen.

De meeste wegen zijn goed geasfalteerd, ook de kleinere. De bewegwijzering is soms heel goed, soms matig, en soms ontbreekt de bewegwijzering geheel. Als je de weg kwijt bent in Italië, bedenk dan dat alle wegen naar Rome leiden.

Hoor je in een bocht een tegemoetkomende auto toeteren, kijk dan uit. Als er niet teruggetoeterd wordt, denkt de Italiaanse automobilist dat er geen verkeer is, en zal hij de kortste weg nemen (de binnenbocht).

klimaat (zie ook de vakantieweerpagina)

Tot april kan in de Alpen nog af en toe een sneeuwbui vallen. Daarna zijn meestal de passen sneeuwvrij en dus open. In Zuid-Italië kan ook in de winter goed gefietst worden.

‘s Zomers is het in heel Italië meestal droog, heet en zonnig, met in het zuiden niet zelden temperaturen tot boven de 40 graden.

overnachten

In toeristische gebieden liggen de campings meest vlak bij elkaar. De meeste campings hebben de (on)nodige faciliteiten, waardoor er ‘s nachts meer lawaai is dan je zou wensen. In het zuiden en het binnenland zijn minder campings. Enige planning is aan te raden. Campings willen ook nog wel eens ‘spontaan’ verdwenen zijn.

Vrijkamperen mag na toestemming van de eigenaar.

In het noorden zijn een flink aantal jeugdherbergen. In de rest van het land zul je het moeten doen met hotelletjes en pensionnetjes, die je in alle soorten en maten tegenkomt.

De prijzen van zowel de campings als de hotels vallen vaak niet mee.

routes

Vanuit Nederland zijn een aantal routes beschreven tot in Italië. Zo gaan twee routes naar Rome (Onbegrensd fietsen naar Rome van Paul Benjaminse en Reitsma’s route naar Rome en Venetië). Ook is er een route door Paul Benjaminse beschreven naar Venetië: Onbegrensd fietsen naar Venetië.

In het boek Fietsen in Toscane en Umbrië beschrijft Luc Oteman fietsroutes in deze twee gebieden.

Op de website van de Fietsvakantiewinkel vindt u bovenstaande en nog meer fietsroutes, landkaarten en andere handige boeken over fietsen in Italië.

tips

Tags
Categorieën
Archief
Volg en Like!
Nieuwsbrief

SNP Fietsvakanties
SNP Fietsvakanties